Rap: vind je flow

Rappen op muziek is, als onderdeel van de hiphop-cultuur, razend populair in Nederland. Vooral de Nederlandse variant van dit oorspronkelijk Amerikaanse genre is geliefd: acht van de tien muziekstreams is momenteel Nederlandse rap. Het gaat om ritmische en rijmende teksten over liefde, rijkdom, geloof, geluk of familie, maar ook over maatschappelijke en politieke onderwerpen zoals armoede, racisme of discriminatie. Hiphop draait om street credibility – oprechtheid, authenticiteit. Maar ook om bragging en boasting, om opscheppen of stoer doen, om je plek claimen, je stem laten horen.

Voor je begint: wil je eerst meer weten over het genre ‘hiphop’, kijk dan in het Algemeen letterkundig lexicon. Wil je een voorbeeld van hiphop leren kennen, luister dan naar Regen in de tuin van Ronnie Flex, bekroonde maar ook omstreden hiphop (zie hier de tekst). Wil je eerst in het algemeen meer weten over hoe oefenen met genre en techniek je een betere schrijver maakt, klik dan hier.

Rapteksten bestaan uit beats, die weer zijn gegroepeerd in ‘bars’: een groepje van vier beats. In een rap worden meestal sets van vier bars gebruikt, en dat nog eens keer vier. In totaal maken zestien bars dus één rap. We gaan hier één bar schrijven. Neem daarvoor de volgende stappen:

  • zoek een goede beat: dat kan een bestaande beat zijn (eventueel al met melodie) maar ze zijn ook online te vinden via Beatstars, of via Instagram.
  • hierna tel je het ritme van de beats uit – voel waar de vier beats in de bar zitten. Kun je deze beats identificeren wanneer je tot vier telt? En kun je dus één bar vinden?
  • als je een beat gevonden hebt, is de volgende stap het vinden/voelen van de flow, het specifieke ritme dat je om gaat zetten in woorden. Zoals in andere muziek de zangstem belangrijk is, heb je in hiphop niet veel hulp van instrumenten of mooie klanken; het gaat om het ritme dat jij erin voelt, en legt. Hoe ritmischer je rapt, hoe beter iets zal klinken.
  • als je de flow voelt, kun je een tekst gaan schrijven. Schrijf in de ik-vorm over een gevoel of (politieke) ergernissen die je over wilt brengen.
  • maak om goed ritme en rijm te vinden een lijstje met woorden, synoniemen en allerlei associaties rond je idee. Maak matches op basis van klanken (bijvoorbeeld ‘used’, ‘youth’, ‘you’, ‘to’, ‘too’, ‘two’, ‘tu’ (dat laatste woord is Spaans); of ‘rij’, ‘bij mij’, ‘verdwijn’, ‘tijd’, ‘lijkt’, like (dat laatste woord is Engels)).

 

Lees/luister naar deze bar van Lijpe, uit ‘Als het fout gaat’:

Ook al is het vijf december ga ik niks strooien (welloe)
Want ik wil geen relatie, ik wil flikflooien (ha)
Je zelf tillen uit de put, er is niks mooier
Beter raak ik blauw echt kwijt, want ik heb tig rooien (doekoe)
Op m’n lijf, denk aan doekoe, fuck een wijf
Ibahesj die wordt ontwijkt, ik kan nu niet zitten in kooien (koev)

Kijk eens hoe dit in elkaar zit:

  • ken je alle woorden, heb je de betekenis van sommige woorden op moeten zoeken? En hoe kwam dat? Uit welke talen komen de woorden die je op moest zoeken?
  • wat kom je over de ‘ik’ te weten? Wat wil die ‘ik’aan jou laten weten door deze tekst? En hoe helpen woorden als ‘welloe’, ‘doekoe’ en ‘koev’ om je het idee te geven dat je hier met een persoon van vlees en bloed te maken hebt?

Herschrijf nu het resultaat van de eerste schrijfopdracht door nog eens goed naar de woorden die je daarin gebruikte. Kun je nog meer spel met klanken, maar vooral ook je woorden zo kiezen dat ze duidelijker maken met wie jij omgaat: bij wie jij je thuis voelt, hoe de taal klinkt van degenen bij wie je je thuis voelt?

 

Deze oefening is gemaakt met de hulp van Aafje de Roest.

 

Meer lezen:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.